.st0{fill:#FFFFFF;}

Persoonlijke ruimte 

 oktober 2, 2020

By  saamuitgeverij

Blog

Berthilde van der Zwaag

Berthilde van der Zwaag

Auteur


 Als verpleegkundige waakte Berthilde van der Zwaag ’s nachts bij patiënten thuis. Haar ervaringen hiermee vormen de basis voor dit boek.  Tijdens deze waaknachten studeerde ze theologie. Na haar afstuderen aan de Vrije Universiteit kwam ze als geestelijk verzorger in een algemeen ziekenhuis weer met stervenden in aanraking. Momenteel is ze geestelijk verzorger in de eerste lijn. 

De dood nabij is het derde boek van Berthilde van der Zwaag. In 2008 publiceerde ze Als Christus verschijnt, een bewerking van haar afstudeeron- derzoek over mensen in deze tijd die aangeven dat Christus aan hen is verschenen. In 2018 schreef ze de roman In het hart van de storm, over het leven van Eliza, een vijfentwintigjarige man die ontdekt dat hij profeet wil worden. 

Persoonlijke ruimte

Deze nacht waak ik bij een man van drieënzestig jaar. Hij heeft kanker in een vergevorderd stadium en ligt in een bed in de woonkamer. Hij vraagt me bij hem te komen zitten. Dat doe ik. Dan vraagt hij of ik een andere stoel wil nemen, een eetkamerstoel, dan kan ik dichterbij hem zijn en zijn we op gelijke hoogte. Dat doe ik ook. Hij vraagt mijn voornaam en waar ik woon. Hij tutoyeert ongevraagd. Daarna vertelt hij me tot in de kleinste details de meest intieme zaken met betrekking tot zijn ziekte. Tijdens het gesprek noemt hij geregeld mijn voornaam. Zijn gedrag voelt onaangenaam. 

Aanraking

Kort daarna werk ik bij een man van eenenzeventig. Hij is in de terminale fase van zijn ziekte. Meestal slaapt hij als ik kom kijken, soms zijn de diepblauwe ogen open. Dan pakt hij mijn hand, aait over mijn wang en mijn haar. Het is alsof het al een aanraking is vanuit een andere werkelijkheid. Aan de muur tegenover hem hangt een icoon van de aartsengel Michaël. Hij heeft zelf ook iets van een engel, meer geest dan materie, het tussenland van aarde en hemel. Ondanks dat hij erg moe is, wil hij toch telkens even praten. Hij zegt ‘Ik ga dood’, pakt mijn beide handen beet en knijpt er af en toe met kracht in. Als hij weer diep slaapt, leg ik zijn hand voorzichtig neer. 

“Mensen hebben verschillende behoeftes en grenzen als het gaat om afstand en nabijheid van anderen.”

Afstand en nabijheid

Mensen hebben verschillende behoeftes en grenzen als het gaat om afstand en nabijheid van anderen, dat geldt voor zowel de patiënt als de zorgverlener. Sommige mensen mogen dichtbij komen, anderen juist niet. Bij de een doe je iets wel, bij de ander niet. Het heeft te maken met de ruimte die iemand als het eigen territorium beleeft. Niet iedereen mag in deze ruimte komen en niet iedereen even ver. De aanraking van de een kan goed voelen, die van een ander als onprettig worden ervaren. Soms speelt de situatie waarin iemand zich bevindt een rol bij het bepalen van een grens. Verder zijn er allerlei persoonlijke zaken of voorkeuren die niet altijd te verklaren zijn. 

Gezonde ruimte

In een professionele relatie is het belangrijk dat een zorgverlener beschikt over zelfkennis, inzicht in het eigen levensverhaal en de kwetsbare plekken daarin. Dit voorkomt dat factoren uit het eigen leven meespelen in het professionele contact met de patiënt. Een zorgverlener draagt een geschiedenis met zich mee waarin ook minder goede ervaringen deel uitmaken; verdriet, kwetsingen, afwijzing of vernedering. Wie nog niet aan verwerking van intense of traumatische ervaringen toegekomen is of zichzelf in dat proces bevindt, loopt het gevaar van een te grote nabijheid, te grote distantie of verwevenheid met de situatie van de patiënt. Na de verwerking van eigen thema’s kan de zorgverlener beter openstaan voor de patiënt en tegelijk opmerkzaam zijn op eigen reacties. Dan blijft er een gezonde ruimte tussen haar en de patiënt bestaan. 

Deze thema’s komen aan de orde in mijn boek ‘De dood nabij’ over het zorgverlenen in de laatste levensfase.

De dood nabij

De dood nabij

De verhalen in dit boek geven een beeld van de laatste levensfase en het sterven. Ze laten zien waar
patiënten en hun naasten mee te kampen hebben. Op deze ervaringsverhalen volgt achtergrondkennis
en soms reflecties van de auteur op het eigen handelen nu ze zoveel meer ervaring heeft opgedaan.

>